Jaarrekening

Toelichting behorende tot de geconsolideerde jaarrekening

(in duizenden euro's)

ALGEMEEN
 

Algemene gegevens over Royal Reesink

Royal Reesink is met zijn activiteiten gestart in 1786 en daarmee één van de oudste handelshuizen van Nederland. Gedurende de periode 2006 tot begin 2016 werden de certificaten van gewone aandelen Royal Reesink verhandeld op de Alternext te Amsterdam. Vanaf 9 maart 2016 worden de certificaten van gewone aandelen Royal Reesink verhandeld op Euronext te Amsterdam. Een beursnotering is er vanaf 1959. Royal Reesink is statutair gevestigd in Apeldoorn (Nederland), en heeft zijn hoofdkantoor in dezelfde plaats.
De geconsolideerde jaarrekening van Royal Reesink voor het jaar eindigend op 31 december 2015 omvat de jaarrekening van Royal Reesink en zijn dochterondernemingen en het belang van Royal Reesink in overige deelnemingen (niet-geconsolideerd). De jaarrekening is door de directie opgesteld. Op 4 april 2016 is de jaarrekening goedgekeurd door de Raad van Commissarissen en zal in de Algemene Vergadering van Aandeel­houders op 25 mei 2016 ter vaststelling worden voorgelegd.

 

Groepsverhoudingen

Royal Reesink staat aan het hoofd van een groep rechtspersonen. Een overzicht van de gegevens, vereist op grond van de artikelen 2:379 en 2:414 BW, is onderstaand opgenomen. Royal Reesink heeft de volgende (indirecte) kapitaalbelangen:

 

 

Aandeel in geplaatst kapitaal

%

Aansprake-lijkheids-verklaring ex artikel 2:403 BW

Geconsolideerde deelnemingen

 

 

 

Reesink Equipment B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Agrometius B.V.

Alphen aan den Rijn

95

Agrometius BVBA

Landen (België)

95

Kamps de Wild Holding B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Kamps de Wild B.V.

Zevenaar

100

Ja

Kamps de Wild Participaties B.V.

Zevenaar

100

Nee

Landtech Zuid B.V.

Veghel

100

Nee

Bruggeman Mechanisatie B.V.

Broekland

75

CT Agro GmbH

Herzfeld-Lippetal (Duitsland)

100

CT Agro TOO

Kokshetau
(Kazachstan)

100

Green Equipment B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Reesink Technische Handel B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Stierman De Leeuw B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Packo N.V.

Zedelgem (België)

100

Jean Heybroek B.V.

Houten

100

Ja

Reesink Turkey B.V.

Apeldoorn

75

Kuhn Center Turkey Tarim Makinalari AS

Nevsehir (Turkije)

75

Reesink Construction Equipment B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Ben Kemp Holding B.V.

De Meern

100

Ja

Barend Kemp B.V.

De Meern

100

Ja

Huur & Stuur B.V.

De Meern

100

Ja

Kemp BVBA

Hamme (België)

100

Hans van Driel B.V.

Tiel

100

Ja

Reesink Material Handling Equipment B.V.

Almere

100

Ja

Motrac Intern Transport B.V.

Almere

100

Ja

Pelzer Fördertechnik GmbH

Kerpen-Sindorf (Duitsland)

75,04

Motrac Handling & Cleaning N.V.

Antwerpen (België)

100

Q-Lion B.V.

Almere

100

Ja

Reesink Industries B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Reesink Staal B.V.

Zutphen

100

Ja

Motrac Hydrauliek B.V.

Baak

100

Ja

Motrac Hydraulik GmbH

Willich
(Duitsland)

100

Safety Centre International B.V.

Rosmalen

100

Ja

Reesink Safety Centre B.V.

Apeldoorn

100

Nee

Nederlandse Staal Unie B.V.

Stampersgat

100

Nee

Reesink Support B.V.

Apeldoorn

100

Ja

Reesink Duitsland B.V.

Apeldoorn

100

Nee

Reesink Germany GmbH

Herzfeld-Lippetal

(Duitsland)

100

Reesink GmbH & Co. KG

Herzfeld-Lippetal

(Duitsland)

100

Bureau voor Dienstverlening
The Pentagon B.V.

Apeldoorn

100

Ja

 

 

 

 

Deelnemingen met invloed van betekenis

 

 

 

THR B.V.

Apeldoorn

36

De Kruyf Holding B.V.

Nijkerk (Gld)

25

Mechanisatie Beheer B.V.

Beilen

25

 


Acquisities en verkoop van deelnemingen

De resultaten van nieuw verworven groepsmaatschappijen worden geconsolideerd vanaf de overnamedatum. Op die datum worden de activa, voorzieningen en schulden gewaardeerd tegen de reële waarden. De betaalde resterende goodwill wordt in mindering gebracht op het eigen vermogen.

Op 30 april 2015 heeft Royal Reesink via haar dochteronderneming Motrac Hydraulik GmbH de beschikkingsmacht gekregen over de activiteiten van IMAV-Hydraulik GmbH te Willich (Duitsland). De koopprijs van de activa bedroeg € 1,5 miljoen. De bij de acquisitie betaalde goodwill was van te verwaarlozen betekenis.

Op 25 juni 2015 heeft Royal Reesink via haar in 2015 opgerichte dochterondernemingen Reesink Turkey en Kuhn Center Turkey Tarim Makinalari AS, de beschikkingsmacht gekregen over de activiteiten van Kuhn Center Turkey Tarim Makinalari LS,. te Nevsehir (Turkije). Reesink Turkey is voor 75% eigendom van Reesink Equipment BV en voor 25% eigendom van Agricultural Production & Handling BV. De koopprijs bedroeg € 2,5 miljoen.
De bij de acquisitie betaalde goodwill bedroeg € 0,3 miljoen.

De overdracht van 95% van het geplaatst aandelenkapitaal van Agrometius B.V. inclusief haar dochteronderneming Agrometius BVBA vond op 7 september 2015 plaats. De koopsom inclusief nabetaling bedroeg € 5,3 miljoen. De bij de overname gerealiseerde goodwill van € 3,5 miljoen is verwerkt in het eigen vermogen. De (onderhandse) uitgifte van certificaten van gewone aandelen in september 2015 is deels aangewend ter financiering van de acquisitie. Het restant van € 0,9 miljoen werd gefinancierd uit de bij de banken beschikbare faciliteiten.

In oktober 2015 is een acquisitie afgerond met een beperkte omvang waarbij een koopprijs is betaald van € 0,4 miljoen en waarbij € 0,1 miljoen goodwill is betaald.

Grondslagen voor de consolidatie

De geconsolideerde jaarrekening omvat de financiële gegevens van Royal Reesink en zijn groepsmaatschappijen en andere rechtspersonen waarop overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend dan wel waarover de centrale leiding bestaat. Groepsmaatschappijen zijn deelnemingen waarin de onderneming een meerderheidsbelang heeft, of waarin op een andere wijze een beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend. Bij de bepaling of beleidsbepalende invloed kan worden uitgeoefend, worden financiële instrumenten die potentiële stemrechten bevatten en direct kunnen worden uitgeoefend, betrokken. Participaties die worden aangehouden om ze te vervreemden, alsmede deelnemingen van te verwaarlozen betekenis, worden niet geconsolideerd. De geconsolideerde jaarrekening is opgesteld met toepassing van de grondslagen voor de waardering en de resultaatbepaling van Royal Reesink.

Nieuw verworven deelnemingen worden in de consolidatie betrokken vanaf het tijdstip waarop beleids­bepalende invloed kan worden uitgeoefend. Op die datum worden de activa, voorzieningen en schulden gewaardeerd tegen de reële waarden. Afgestoten deelnemingen worden in de consolidatie betrokken tot het tijdstip van beëindiging van deze invloed.

In de geconsolideerde jaarrekening zijn de onderlinge schulden, vorderingen en transacties geëlimineerd, evenals de binnen de Royal Reesink gemaakte winsten. De groepsmaatschappijen zijn integraal geconsolideerd, waarbij het minderheidsbelang van derden afzonderlijk tot uitdrukking is gebracht.

Toepassing van artikel 2:402 BW

De financiële gegevens van Royal Reesink zijn in de geconsolideerde jaarrekening verwerkt. Derhalve vermeldt de enkelvoudige winst- en verliesrekening van Royal Reesink, conform artikel 2:402 BW, slechts het resultaat uit deelnemingen na belastingen en het overig resultaat na belastingen.

 


ALGEMENE GRONDSLAGEN VOOR DE OPSTELLING VAN DE GECONSOLIDEERDE JAARREKENING
 

De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met de voorschriften van Titel 9 boek 2 BW en de van toepassing zijnde Richtlijnen voor de Jaarverslaggeving. Royal Reesink maakt gebruik van de mogelijkheden die artikel 2:384 lid 1 BW biedt om de onder materiële vaste activa gerubriceerde bedrijfsgebouwen en -terreinen alsmede vastgoedbeleggingen te waarderen op actuele waarde.

 


GRONDSLAGEN VOOR DE WAARDERING VAN ACTIVA EN PASSIVA EN DE RESULTAATBEPALING
 

Algemeen

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten tenzij anders vermeld.

Een actief wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de toekomstige economische voordelen naar de onderneming zullen toevloeien en de waarde daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld. Een verplichting wordt in de balans opgenomen wanneer het waarschijnlijk is dat de afwikkeling daarvan gepaard zal gaan met een uitstroom van middelen die economische voordelen in zich bergen en de omvang van het bedrag daarvan betrouwbaar kan worden vastgesteld.


Baten worden in de winst- en verliesrekening opgenomen wanneer een vermeerdering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermeerdering van een actief of een vermindering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld. Lasten worden verwerkt wanneer een vermindering van het economisch potentieel, samenhangend met een vermindering van een actief of een vermeerdering van een verplichting, heeft plaatsgevonden, waarvan de omvang betrouwbaar kan worden vastgesteld.

Indien een transactie ertoe leidt dat nagenoeg alle of alle toekomstige economische voordelen en alle of nagenoeg alle risico’s met betrekking tot een actief of verplichting aan een derde zijn overgedragen, wordt het actief of de verplichting niet langer in de balans opgenomen. Verder worden activa en verplichtingen niet meer in de balans opgenomen vanaf het tijdstip waarop niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden van waarschijnlijkheid van de toekomstige economische voordelen en betrouwbaarheid van de bepaling van de waarde.


De opbrengsten en kosten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Opbrengsten van handelsgoederen worden verantwoord indien alle belangrijke risico’s met betrekking tot de handels­goederen zijn overgedragen aan de koper. De opbrengsten van diensten worden verantwoord op basis van de werkelijk verleende diensten.


De jaarrekening wordt gepresenteerd in euro’s, de functionele valuta van de onderneming. Alle financiële informatie in euro’s is afgerond op het dichtstbijzijnde duizendtal, tenzij anders aangegeven.


De opstelling van de jaarrekening vereist dat de directie oordelen vormt en schattingen en veronderstellingen maakt die van invloed zijn op de toepassing van grondslagen en de gerapporteerde waarde van activa en verplichtingen, en van baten en lasten. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden voortdurend beoordeeld. Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.


Grondslagen voor de omrekening van vreemde valuta

Transacties luidend in vreemde valuta worden in de functionele valuta van de onderneming omgerekend tegen de geldende wisselkoers per de transactiedatum. In vreemde valuta luidende monetaire activa en verplichtingen worden per balansdatum in de functionele valuta omgerekend tegen de op die datum geldende wisselkoers. Niet-monetaire activa en passiva in vreemde valuta’s die tegen historische kostprijs worden opgenomen, worden in euro’s omgerekend tegen de geldende wisselkoersen per de transactiedatum. De bij omrekening optredende valutakoersverschillen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen.

De omrekening van de activa en passiva van buitenlandse dochterondernemingen geschiedt tegen de per balansdatum geldende valutakoersen. De winst- en verliesrekeningen van buitenlandse dochteronder­nemingen worden omgerekend tegen de over het verslagjaar geldende gemiddelde periodieke maandkoersen. De bij de omrekening van de netto investering in buitenlandse dochterondernemingen ontstane verschillen worden ten gunste of ten laste van de reserve omrekeningsverschillen in het eigen vermogen gebracht. Deze omrekenings­verschillen worden bij afstoting verwerkt in de winst- en verliesrekening.


Financiële instrumenten

Financiële instrumenten omvatten investeringen in aandelen, handels- en overige vorderingen, geldmiddelen, (converteerbare) leningen, overige financieringsverplichtingen, handelsschulden en overige te betalen posten. In de toelichting op de onderscheiden posten van de balans wordt de reële waarde van het betreffende instrument toegelicht als die afwijkt van de boekwaarde. Voor de grondslagen van de financiële instrumenten wordt verwezen naar de behandeling per balanspost.


Immateriële vaste activa

De door de groep verworven immateriële vaste activa omvat servicecontracten en software. De reële waarde van servicecontracten is initieel bepaald aan de hand van de ‘multi-period excess earnings’-methode, waarbij het onderliggend actief wordt gewaardeerd na het in mindering brengen van een redelijk rendement op de overige activa die bijdragen tot de bijbehorende kasstroom. De aldus ontstane historische kostprijs service­contracten worden over een periode van zeven jaar geamortiseerd en indien van toepassing verminderd met een bijzondere waardevermindering.


De software wordt gewaardeerd op het bedrag van de bestede kosten, verminderd met de cumulatieve amortis­atie en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De jaarlijkse amortisaties

bedragen een vast percentage (20%) van de bestede kosten.


De economische levensduur en de amortisatiemethode worden aan het einde van elk boekjaar opnieuw beoordeeld.

Materiële vaste activa


Algemeen

In geval van financiële leasing (waarbij de voor- en nadelen verbonden aan de eigendom van het lease-object geheel of nagenoeg geheel door de lessee worden gedragen) worden het lease-object en de daarmee samenhangende schuld bij het aangaan van de overeenkomst in de balans verwerkt tegen de reële waarde van het lease-object op het moment van het aangaan van de leaseovereenkomst of, indien dit lager is, tegen de contante waarde van de minimale leasebetalingen. De initiële directe kosten van de lessee worden opgenomen in de eerste verwerking van het actief. Het geactiveerde lease-object wordt afgeschreven over de kortste termijn van de leaseperiode of de gebruiksduur van het object, in geval er geen redelijke zekerheid is dat de lessee aan het einde van de leaseperiode eigenaar wordt.


Bedrijfsgebouwen en -terreinen

Bedrijfsgebouwen en terreinen worden conform het Besluit actuele waarde gewaardeerd op vervangingswaarde dan wel lagere bedrijfswaarde of (bij besluit tot verkoop) opbrengstwaarde. De vervangingswaarde is vastgesteld door middel van jaarlijkse taxaties door externe onafhankelijke taxateurs. De vervangingswaarde is het bedrag dat nodig zou zijn om in de plaats van een actief dat bij de bedrijfsuitoefening is of wordt gebruikt of voortgebracht, een ander actief te verkrijgen of vervaardigen dat voor de bedrijfsuitoefening een in economisch opzicht gelijke betekenis heeft. Bij de bepaling van de vervangingswaarde wordt gebruik gemaakt van een markttoets. De afschrijvingen worden bepaald met inachtneming van een restwaarde. Wijzigingen in de waardering worden direct in het eigen vermogen gemuteerd rekening houdend met een belastinglatentie, totdat voor betreffend actief de reserve herwaardering volledig is aangewend.


Kosten voor periodiek groot onderhoud worden ten laste gebracht van het resultaat op het moment dat deze zich voordoen.


Bedrijfsuitrusting en vervoermiddelen

De bedrijfsuitrusting en vervoermiddelen worden gewaardeerd op verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikneming.


De bedrijfsuitrusting omvat de kantoor- en magazijninventaris, machines en installaties en niet-gemotoriseerde transportmiddelen. Onder vervoermiddelen zijn opgenomen (vracht-)auto´s en gemotoriseerde transport­middelen voor intern transport.


De volgende afschrijvingspercentages worden gehanteerd:

Kantoor- en magazijninventaris:

20-33

Machines en installaties: 

7-20

Niet-gemotoriseerde transportmiddelen:

20

Vervoermiddelen:

20-33


Onderhoudsuitgaven worden slechts geactiveerd indien zij de gebruiksduur van het object verlengen.

Verhuurmachines

De verhuurmachines worden gewaardeerd op verkrijgingsprijs, verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden overwegend berekend op basis van een vast percentage (13,3% - 20%) van de verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele restwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het moment van ingebruikneming.

Vastgoedbeleggingen

Gebouwen en terreinen die niet dienstbaar zijn aan de bedrijfsuitoefening en worden aangehouden voor het genereren van huuropbrengsten en/of waardestijgingen kwalificeren als vastgoedbeleggingen. De waardering geschiedt tegen marktwaarde, conform het Besluit actuele waarde. De marktwaarde is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld tussen terzake goed geïnformeerde partijen, die tot een transactie bereid en onafhankelijk van elkaar zijn. De marktwaarde wordt bepaald aan de hand van een markthuur kapitalisatie­methode waarbij de bruto markthuur van de verhuurbare oppervlakten van het object als uitgangspunt dient. De markthuur wordt bepaald door vergelijking van aanbod en/of gerealiseerde transacties met soortgelijke objecten op basis van beoordeling van de markt, de locatie en het object zelf en is gebaseerd onder meer op marktomstandigheden, economische omstandigheden, locatie en kwaliteit van het object.

De marktwaarde per onroerende zaak is door middel van jaarlijkse taxaties door externe onafhankelijke taxateurs vastgesteld. Wijzigingen in de waardering worden direct in de winst- en verliesrekening (Niet-)gerealiseerde waardeveranderingen van beleggingen) verwerkt.

Financiële vaste activa

Deelnemingen waarin invloed van betekenis op het zakelijke en financiële beleid kan worden uitgeoefend, worden gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode op basis van de nettovermogenswaarde. Bij de bepaling van de nettovermogenswaarde worden de waarderingsgrondslagen van de onderneming gehanteerd. Deelnemingen met een negatieve nettovermogenswaarde worden op nihil gewaardeerd. Wanneer de onderneming garant staat voor de schulden van de betreffende deelneming wordt een voorziening gevormd. Deze voorziening wordt primair ten laste van de vorderingen op deze deelneming gevormd en voor het overige onder de voorzieningen ter grootte van het aandeel in de door de deelneming geleden verliezen, dan wel voor de verwachte betalingen door de onderneming ten behoeve van deze deelneming.

De leningen aan niet-geconsolideerde deelnemingen en overige vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode, verminderd met bijzondere waardeverminderingsverliezen.

Onder de financiële vaste activa zijn actieve belastinglatenties opgenomen, indien en voor zover het waarschijnlijk is dat realisatie van de belastingvordering te zijner tijd zal kunnen plaatsvinden. Deze actieve latenties zijn gewaardeerd tegen nominale waarde en hebben overwegend een langlopend karakter.

De ter beurze genoteerde effecten worden gewaardeerd op de reële waarde, zijnde beurswaarde per balansdatum, waarbij zowel ongerealiseerde als gerealiseerde waardeveranderingen direct in de winst- en verliesrekening worden verantwoord.

Voorraden

De handelsvoorraden zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs (fifo) of lagere opbrengstwaarde met uitzondering van de walserijproducten, waarvan de waarde sterk onderhevig is aan de prijsschommelingen van de basismaterialen. Laatstbedoelde producten zijn gewaardeerd tegen vervangingswaarde, zijnde de laatst bekende inkoopprijs. Wijzigingen in de vervangingswaarde worden ten gunste respectievelijk ten laste van de reserve voor prijsverschillen op voorraden gebracht met inachtneming van de daarbij noodzakelijke toevoeging respectievelijk onttrekking aan de voorziening latente belastingverplichtingen.

Op de voorraadwaarde is, om te komen tot de lagere opbrengstwaarde, waar nodig een voorziening voor incourantheid in mindering gebracht, die naar omvang is gerelateerd aan het niveau en de samenstelling van de voorraad.

Vorderingen

De vorderingen worden bij eerste verwerking opgenomen tegen de reële waarde en vervolgens gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs, welke gelijk kan zijn aan de nominale waarde, onder aftrek van de noodzakelijk geachte voorzieningen voor het risico van oninbaarheid. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen. Wijzigingen in die reële waarde worden verantwoord in de winst- en verliesrekening.

Liquide middelen

De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Reserve herwaardering

Waardevermeerderingen van activa die worden gewaardeerd tegen actuele waarde worden opgenomen in de herwaarderingsreserve. De herwaarderingsreserve wordt gevormd per individueel actief en is niet hoger dan het verschil tussen de boekwaarde op basis van historische kostprijs en de boekwaarde op basis van actuele waarde. Als een actief wordt vervreemd, valt een eventueel aanwezige herwaarderingsreserve met betrekking tot dat actief vrij ten gunste van de overige reserves. Bij de bepaling van de herwaarderingsreserve is een bedrag voor latente belastingverplichtingen in mindering gebracht, berekend tegen het actuele belastingtarief.

Reserve omrekeningsverschillen

De omrekening van de activa en passiva van buitenlandse dochterondernemingen geschiedt tegen de per balansdatum geldende valutakoersen. De winst- en verliesrekeningen van buitenlandse dochterondernemingen worden omgerekend tegen de over het verslagjaar geldende gemiddelde periodieke maandkoersen. De bij de omrekening van de netto investering in buitenlandse dochterondernemingen ontstane verschillen worden ten gunste of ten laste van de reserve omrekeningsverschillen in het eigen vermogen gebracht. Deze omrekeningsverschillen worden bij afstoting verwerkt in de winst- en verliesrekening.

Reserve eigen aandelen

Bij inkoop van aandelenkapitaal wordt het bedrag van de betaalde vergoeding, met inbegrip van de rechtstreeks toerekenbare kosten, als mutatie van het eigen vermogen verwerkt. Ingekochte aandelen worden geclassificeerd onder de reserve eigen aandelen en gepresenteerd als vermindering van het totale vermogen.

Minderheidsbelang derden

Het minderheidsbelang derden wordt gewaardeerd op het aandeel van derden in de nettovermogenswaarde en is bepaald overeenkomstig de waarderingsgrondslagen van Royal Reesink. Het aandeel van derden in het resultaat van de geconsolideerde maatschappijen wordt in de winst- en verliesrekening in mindering gebracht op het resultaat na belastingen.

Achtergestelde (converteerbare) leningen

De reële waarde van het als verplichting aangemerkte deel van de achtergestelde converteerbare lening is vastgesteld met behulp van de marktrente van een vergelijkbare, niet-converteerbare achtergestelde lening. De geamortiseerde kostprijs wordt opgenomen als verplichting tot de conversiedatum. Het overige deel van de opbrengst wordt aan de conversieoptie toegerekend, dat opgenomen wordt in het eigen vermogen, onder verrekening van belastingen.

Voorzieningen

Een voorziening wordt in de balans opgenomen, wanneer er sprake is van een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting die het gevolg is van een gebeurtenis in het verleden, het waarschijnlijk is dat voor afwikkeling van die verplichting een uitstroom van middelen nodig is en het bedrag betrouwbaar is te schatten.

Voorziening latente belastingverplichtingen

Voor latente belastingverplichtingen wordt een voorziening getroffen voor tijdelijke verschillen tussen de boekwaarde van activa en verplichtingen ten behoeve van de financiële verslaggeving en de fiscale boekwaarde van die posten. De voorziening wordt gewaardeerd tegen de nominale waarde van de toekomstige belastingverplichtingen.

Voorzieningen voor pensioenen

Bepaalde medewerkers komen in aanmerking voor aanspraken over perioden in het verleden waarin minder pensioenaanspraken zijn opgebouwd dan toegestaan. Voor het niet gefinancierde deel is een voorziening opgenomen. De voorziening wordt gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige uitgaven, rekening houdend met blijf- en sterftekansen.

Voorziening garantieverplichtingen

Voor de kosten verbonden aan aanspraken op verstrekte garantieafspraken is een voorziening gevormd. Deze voorziening is gewaardeerd tegen de nominale waarde van de toekomstige verplichting.

Voorziening jubilea

De opgenomen verplichting voor beloningen wegens jubilea is de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om de desbetreffende verplichting per balansdatum af te wikkelen. De voorziening wordt gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige uitgaven, rekening houdend met de opbouw van rechten op basis van onder andere lengte dienstverband en blijfkansen.

Overige voorzieningen

Tenzij anders vermeld worden de overige voorzieningen gewaardeerd tegen de nominale waarde van de uitgaven die naar verwachting noodzakelijk zijn om de betreffende verplichtingen af te wikkelen.

Langlopende schulden

Langlopende schulden worden bij de eerste opname verwerkt tegen reële waarde verminderd met toerekenbare transactiekosten. Na de eerste opname worden rentedragende leningen gewaardeerd tegen geamortiseerde kostprijs, waarbij een verschil tussen de kostprijs en de aflossingsprijs lineair wordt verwerkt in de winst- en verliesrekening over de looptijd van de faciliteit onder toepassing van de effectieve rentemethode.
Leningen worden verantwoord als kortlopende verplichtingen, tenzij de groep de intentie en een onvoorwaardelijk recht heeft om afwikkeling van de verplichting tot minstens twaalf maanden na de balansdatum uit te stellen.

Personeelsbeloningen

Royal Reesink heeft diverse pensioenregelingen. De Nederlandse regelingen worden gefinancierd door afdrachten aan pensioenuitvoerders, te weten verzekeringsmaatschappijen en bedrijfstakpensioenfondsen. De buitenlandse pensioenregelingen zijn vergelijkbaar met de wijze waarop het Nederlandse pensioenstelsel is ingericht en functioneert. De pensioenverplichtingen uit zowel de Nederlandse als de buitenlandse regelingen worden gewaardeerd volgens de ‘verplichting aan de pensioenuitvoerder benadering’. In deze benadering wordt de aan de pensioenuitvoerder te betalen premie als last in de winst- en verliesrekening verantwoord.

Aan de hand van de uitvoeringsovereenkomst wordt beoordeeld of en zo ja welke verplichtingen naast de betaling van de jaarlijkse aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premie op balansdatum bestaan. De waardering van de verplichting (indien aanwezig) is de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn om deze per balansdatum af te wikkelen.

Opbrengstverantwoording

Royal Reesink genereert opbrengsten uit de verkoop van goederen (voornamelijk machines en onderdelen) en diensten (voornamelijk service, onderhoud, lease en verhuur). Opbrengsten uit de verkoop van goederen en diensten worden opgenomen in de netto-omzet tegen de reële waarde van de ontvangen of te ontvangen vergoeding, na aftrek van opbrengsten en tegemoetkomingen, handels- en volumekortingen. Opbrengsten uit de verkoop van goederen en diensten worden in de winst- en verliesrekening verwerkt wanneer de belangrijke risico’s en voordelen van eigendom aan de koper zijn overgedragen en de inning van de verschuldigde vergoeding waarschijnlijk is.

Activa die het onderwerp zijn van een verhuurovereenkomst die classificeert als operationele lease worden in de balans opgenomen en gewaardeerd volgens de aard van het actief. De leasebaten worden op tijdsevenredige basis over de leaseperiode ten gunste van de winst- en verliesrekening gebracht. Initiële directe kosten worden toegerekend over de leaseperiode tegenover de leasebaten.

Kostprijs omzet

De kostprijs van de omzet betreft de verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde c.q. de vervangingswaarde franco magazijn op het moment van verkoop, alsmede de kosten van opslag, bewerking en distributie, inclusief de hieraan verbonden directe loonkosten, gecorrigeerd met de van leveranciers genoten korting voor contante betaling.

Overige bedrijfsopbrengsten

 

Huuropbrengsten

Huuropbrengsten uit vastgoedbeleggingen worden lineair in de winst- en verliesrekening opgenomen op basis van de duur van de huurovereenkomst.

Operationele leasebetalingen

Lease-overeenkomsten, waarbij de voor- en nadelen verbonden aan het eigendom geheel of nagenoeg geheel bij de lessor liggen, worden als operationele lease aangemerkt. Operationele leasebetalingen worden lineair over de leaseperiode in de winst- en verliesrekening verwerkt.

Financiële leasebetalingen

Lease-overeenkomsten, waarbij de voor- en nadelen verbonden aan het eigendom geheel of nagenoeg geheel bij de lessee liggen, worden als financiële lease aangemerkt. De minimale leasebetalingen worden deels als financieringskosten opgenomen en deels als aflossing van de uitstaande verplichting. De financieringskosten worden zodanig toegerekend aan iedere periode van de totale leasetermijn, dat dit resulteert in een constante rentevoet over het resterende saldo van de verplichting.

Aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen

Het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen omvat het aandeel van Royal Reesink in de resultaten van deze deelnemingen alsmede eventuele waardeverminderingen van deze deelnemingen. Dit resultaat wordt bepaald op basis van de bij Royal Reesink geldende grondslagen voor waar­dering en resultaatbepaling. Resultaten op transacties, waarbij overdracht van activa en passiva tussen Royal Reesink en de niet-geconsolideerde deelnemingen en tussen niet-geconsolideerde deelnemingen onderling heeft plaatsgevonden, zijn niet verwerkt voor zover deze als niet gerealiseerd kunnen worden beschouwd.

De resultaten van deelnemingen die gedurende het boekjaar zijn verworven of afgestoten worden vanaf het verwervingsmoment respectievelijk tot het moment van afstoting verwerkt in het resultaat van Royal Reesink.

Belastingen

Belastingen omvatten de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en latente belastingen. De belastingen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen, behoudens voor zover deze betrekking hebben op posten die rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen, in welk geval de belasting in het eigen vermogen wordt verwerkt.

De over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de belastbare winst over het boekjaar, berekend aan de hand van belastingtarieven die zijn vastgesteld op verslagdatum, dan wel waartoe materieel al op verslagdatum is besloten, en eventuele correcties op de over voorgaande jaren verschuldigde belasting.

Nettoresultaat per gewoon aandeel

Het nettoresultaat per gewoon aandeel wordt berekend als het aan de houders van gewone aandelen toe­komend nettoresultaat gedeeld door het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen over de betreffende periode. Het verwaterde resultaat van een gewoon aandeel wordt berekend als het aan de houders van gewone aandelen toekomend nettoresultaat gedeeld door het gemiddeld aantal uitstaande gewone aandelen, inclusief potentiële gewone aandelen, als dit tot verwatering zou leiden.

Kasstroomoverzicht

Het kasstroomoverzicht is opgesteld op basis van de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroom­overzicht bestaan uit de liquide middelen. De wijzigingen in de post effecten zijn opgenomen in de mutatie vorderingen. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van financieringsbaten en -lasten, ontvangen dividenden en winstbelastingen zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. In de kasstroom uit financieringsactiviteiten zijn de door Royal Reesink betaalde dividenden alsmede de mutatie van schulden aan kredietinstellingen begrepen. Transacties waarbij geen ruil van geldmiddelen plaatsvindt, waaronder financial lease, zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen. De betaling van de leasetermijnen uit hoofde van het financiële leasecontract wordt voor het gedeelte dat betrekking heeft op de aflossing als een uitgave uit financieringsactiviteiten aangemerkt en voor het gedeelte dat betrekking heeft op de interest als een uitgave uit operationele activiteiten.

Kasstromen in vreemde valuta’s worden omgerekend tegen een geschatte gemiddelde koers.

De verkrijgingsprijs van verworven groepsmaatschappijen wordt opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor zover betaling in geldmiddelen heeft plaatsgevonden. Hierbij worden geldmiddelen aanwezig in deze groepsmaatschappijen op de aankoopprijs in mindering gebracht.

 


1 IMMATERIËLE VASTE ACTIVA
 

Het verloop van de immateriële vaste activa is als volgt weer te geven:

 

 

Service­contracten

Software

Totaal

Stand per 1 januari 2015

 

 

 

– Aanschafwaarde

3.998

10.584

14.582

– Cumulatieve amortisatie en waardeverminderingen

–690

–8.592

–9.282

 

 

 

 

Boekwaarde

3.308

1.992

5.300

 

 

 

 

Mutaties in het boekjaar 2015

 

 

 

– Investeringen

571

571

– Nieuwe consolidaties

14

14

– Amortisatie

–572

–1.005

–1.577

 

 

 

 

 

–572

–420

–992

 

 

 

 

Stand per 31 december 2015

 

 

 

– Aanschafwaarde

3.998

11.052

15.050

– Cumulatieve amortisatie en waardeverminderingen

–1.262

–9.480

–10.742

 

 

 

 

Boekwaarde

2.736

1.572

4.308



De servicecontracten zijn verworven bij de overname van Reesink Material Handling Equipment in 2013 en worden over een periode van zeven jaar (gemiddelde contractduur servicecontracten) geamorti­seerd en indien van toepassing verminderd met een bijzondere waardevermindering.

 


2 MATERIËLE VASTE ACTIVA
 

Het verloop van de materiële vaste activa is als volgt weer te geven:

 

 

Bedrijfs-­gebouwen en -terreinen

Bedrijfs-uitrusting

Verhuur-­machines

Vervoers­middelen

Totaal

Stand per 1 januari 2015

 

 

 

 

 

– Aanschafwaarde

33.190

28.066

54.859

7.646

123.761

– Cumulatieve veranderingen in de
   actuele waarde

12.311

12.311

– Cumulatieve afschrijvingen en
   waardeverminderingen

–8.864

–22.628

–33.108

–5.205

–69.805

 

 

 

 

 

 

Boekwaarde

36.637

5.438

21.751

2.441

66.267

 

 

 

 

 

 

Mutaties in het
boekjaar 2015

 

 

 

 

 

– Veranderingen in de
   actuele waarde

–1.072

–1.072

– Investeringen

500

1.593

12.769

570

15.432

– Nieuwe consolidaties

696

64

100

860

– Herrubricering

850

–962

–112

– Desinvesteringen

–211

–1.405

–84

–1.700

– Afschrijvingen

–1.981

–7.058

–713

–9.752

– Omrekenverschillen

–384

–229

–248

–861

 

 

 

 

 

 

 

–106

–132

3.408

–375

2.795

 

 

 

 

 

 

Stand per 31 december 2015

 

 

 

 

 

– Aanschafwaarde

32.357

26.155

59.301

6.227

124.040

– Cumulatieve veranderingen in de
   actuele waarde

11.239

11.239

– Cumulatieve afschrijvingen en
   waardeverminderingen

–7.065

–20.849

–34.142

–4.161

–66.217

 

 

 

 

 

 

Boekwaarde

36.531

5.306

25.159

2.066

69.062

 


De veranderingen in de actuele waarde ad € 1,1 miljoen (2014: € 0,7 miljoen) wordt veroorzaakt door herziening van de herbouwwaarden en functionele en technische verouderingen. De correctie voor technische veroudering ligt tussen de 10,0% en 64,0%. De gehanteerde correctie voor functionele veroudering, zijnde een correctie op de vervangingswaarde na technische correctie, ligt tussen de 10,0% en 36,2%.

De herrubricering ad € 0,1 miljoen negatief heeft voor € 0,9 miljoen positief betrekking op van de locatie Ecofactorij te Apeldoorn afgesplitste grond welke als bedrijfsgebouwen en –terreinen onder de materiële vaste activa is geclassificeerd en voorheen onderdeel uitmaakte van de vastgoedbeleggingen (zie ook noot 3). Het restant van de herrubricering ad € 1,0 miljoen negatief, betreft (per saldo) het totaal aan verhuurmachines die via de voorraad zijn verkocht aan derden.

Van de boekwaarde van de bedrijfsgebouwen en –terreinen ad € 36,5 miljoen heeft € 1,9 miljoen (2014: € 2,8 miljoen) betrekking op activa die niet meer dienstbaar zijn aan de bedrijfsuitoefening. De onroerende zaken die dienstbaar zijn aan de bedrijfsuitoefening hebben per 31 december 2015 een aanschaffingsprijs van € 29,8 miljoen (2014: € 31,0 miljoen), waarop bij waardering tegen aanschaffingsprijs € 9,3 miljoen (2014: € 9,2 miljoen) cumulatief zou zijn afgeschreven. De van deze categorie in eigendom gehouden terreinen hebben een omvang van 27,6 hectaren waarvan 8,5 hectaren zijn bebouwd. Het totaal aan bedrijfsgebouwen en –terreinen met een beperking op eigendom door recht van erfpacht en concessies bedraagt ultimo 2015 € 1,7 miljoen.

De opgenomen verhuurmachines hebben met name betrekking op Huur & Stuur, Motrac Intern Transport en Motrac Handling & Cleaning. In mindere mate verhuren ook andere vennootschappen binnen de groep machines.

Onder verhuurmachines en vervoermiddelen zijn activa begrepen met een boekwaarde van respectievelijk € 0,6 miljoen en € 0,2 miljoen (2014: € 0,3 miljoen), die worden gefinancierd door middel van financiële lease. De groep heeft niet de juridische eigendom van deze activa.

 


3 VASTGOEDBELEGGINGEN
 

Het verloop van de vastgoedbeleggingen is als volgt weer te geven:

 

 

 

Stand per 1 januari 2015

 

– Aanschafwaarde

21.423

– Cumulatieve veranderingen in de actuele waarde

–483

 

 

Boekwaarde

20.940

 

 

Mutaties in het boekjaar 2015

 

– Veranderingen in de actuele waarde

–255

– Herrubriceringen

–850

– Desinvesteringen

–1.040

 

 

 

–2.145

 

 

Stand per 31 december 2015

 

– Aanschafwaarde

19.583

– Cumulatieve veranderingen in de actuele waarde

–788

 

 

Boekwaarde

18.795

 


De verandering in de actuele waarde heeft overwegend betrekking op het vastgoed aan de Ecofactorij in Apeldoorn. Bij het bepalen van de marktwaarde van het vastgoed Ecofactorij in Apeldoorn is de markthuur, welke gelijk is aan de daadwerkelijke huuropbrengst, als uitgangpunt gehanteerd tezamen met een netto-aanvangsrendement van 7,8% (2014: 7,8%).

De als vastgoedbelegging in eigendom gehouden terreinen hebben een omvang van 7,4 hectaren waarvan 3,3 hectaren zijn bebouwd.

 


4 FINANCIËLE VASTE ACTIVA
 

Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt weer te geven:

 

 

Deel­­nemingen

Vorderingen op deel­nemingen

Overige vorderingen

Actieve belasting- latentie

Totaal

Boekwaarde per 1 januari 2015

546

1.654

200

90

2.490

 

 

 

 

 

 

Mutaties in het boekjaar 2015

 

 

 

 

 

– Investeringen, verstrekte leningen

192

192

– Desinvesteringen, aflossing leningen

–34

–34

– Waardeverminderingen

–125

–125

– Aandeel in resultaat deelnemingen

54

54

– Realisatie actieve belastinglatentie

–7

–7

 

54

33

–7

80

 

 

 

 

 

 

Stand per 31 december 2015

600

1.687

200

83

2.570

 

 

 

 

 

 

 


De post deelnemingen met invloed van betekenis betreft de volgende kapitaalbelangen:

 

Aandeel in geplaatst kapitaal

THR B.V.

Apeldoorn

36,0

De Kruyf Holding B.V.

Nijkerk (Gld)

25,0

Mechanisatie Beheer B.V.

Beilen

25,0



De post vorderingen op deelnemingen betreft de (achtergestelde) leningen verstrekt aan de deelnemingen THR B.V., De Kruyf Holding B.V., Mechanisatie Beheer B.V. en Outlet-DHZ-Valkenswaard B.V. met een totale hoofdsom van € 2,8 miljoen. In 2013 zijn in het kader van het realiseren van een structurele oplossing voor THR B.V. voor € 1,3 miljoen aan niet rentedragende leningen verstrekt die in de toekomst door THR B.V. afgelost kunnen worden. De looptijd van de achtergestelde lening verstrekt aan De Kruyf Holding B.V. is 20 jaar en de rente bedraagt 5,5% per jaar. Op deze lening wordt niet afgelost. De looptijd van de achtergestelde lening verstrekt aan Mechanisatie Beheer B.V. is 10 jaar en de rente bedraagt 4,3% per jaar. Aflossing vindt plaats per kwartaal in gelijke termijnen. De vordering op Outlet-DHZ-Valkenswaard B.V. is volledig voorzien.

De post overige vorderingen betreft onder meer de achtergestelde lening verstrekt aan DGN retail B.V. die de exploitatie van Fixet Retailgroep heeft verworven en vorderingen op Fixet franchisenemers die niet door DGN retail B.V. zijn overgenomen. De vordering is begin 2015 afgewikkeld.

 


5 VOORRADEN
 

 

 

2015

2014

Handelsgoederen

123.604

113.337

Onderhanden werk

777

504

Voorziening voor incourantheid

–15.523

–14.927

 

108.858

98.914

Vooruitbetaald op voorraden

7.874

8.557

 

 

 

 

116.732

107.471


 
Ultimo 2015 werden de handelsgoederen voor € 117,5 miljoen (2014: € 108,8 miljoen) gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs of lagere marktwaarde en voor € 6,1 miljoen (2014: € 4,5 miljoen) tegen vervangingswaarde.

 


6 VORDERINGEN
 

 

 

2015

2014

Vorderingen op handelsdebiteuren

67.664

60.575

Belastingen en premies sociale verzekeringen

1.317

390

Overige vorderingen en overlopende activa

6.902

7.847

 

 

 

 

75.883

68.812

 


Vorderingen op handelsdebiteuren

De voorziening dubieuze debiteuren bedroeg ultimo 2015 € 3,3 miljoen (2014: € 3,8 miljoen). Onder de handels­debiteuren zijn opgenomen € 3,6 miljoen vorderingen op deelnemingen (2014: € 3,5 miljoen). De vorderingen op handelsdebiteuren hebben een resterende looptijd korter dan 1 jaar.

Overige vorderingen

Onder de overige vorderingen zijn geen vorderingen op deelnemingen opgenomen (2014: nihil). In de overige vorderingen zijn geen posten begrepen met een resterende looptijd langer dan 1 jaar.

 


7 LIQUIDE MIDDELEN
 

De ultimo 2015 aanwezige liquide middelen staan, behoudens € 1,2 miljoen in verband met gestelde bank­garanties, ter vrije beschikking.

 


8 GROEPSVERMOGEN
 

Aandeel van de rechtspersoon in het groepsvermogen

Voor een toelichting op het aandeel van de rechtspersoon in het groepsvermogen wordt verwezen naar toelichting 29 op het eigen vermogen in de enkelvoudige jaarrekening.

Minderheidsbelang derden

Onder dit balanshoofd is opgenomen het minderheidsbelang van derden, dat het aandeel van derden in het eigen vermogen van de groepsmaatschappij Bruggeman Mechanisatie, Agrometius en Reesink Turkey vertegen­woordigt. Het verloop is als volgt:

 

 

2015

2014

Stand per 1 januari

–83

–26

Mutaties:

 

 

– Verwerving van minderheidsbelang

279

– Omrekenverschillen

–8

– Resultaat na winstbelasting

–45

–57

 

 

 

Stand per 31 december

143

–83

 


9 VOORZIENINGEN
 

 

 

2015

2014

Voorziening latente belastingverplichtingen

10.163

10.590

Voorziening voor pensioenen

410

407

Voorziening garantieverplichtingen

1.803

1.923

Voorziening jubilea

924

814

 

 

 

 

13.300

13.734



Voorziening latente belastingverplichtingen

De voorziening voor latente belastingverplichtingen omvat het belastingeffect van de tijdelijke verschillen tussen commerciële en fiscale winstbepaling. De voorziening voor latente belastingverplichtingen is als volgt samengesteld:

 

 

Latente belasting-­vordering

2015

Latente belasting-­verplichting

2015

Latente belasting-­vordering

2014

Latente belasting-­verplichting

2014

Immateriële vaste activa

466

800

501

1.158

Materiële vaste activa

13

4.441

445

5.545

Vastgoedbeleggingen

4.072

3.939

Financiële vaste activa

67

67

Voorraden

303

1.005

610

1.147

Voorzieningen

381

85

198

68

Schulden

262

1.118

420

 

 

 

 

 

Totaal

1.425

11.588

1.754

12.344

Saldering

–1.425

–1.425

–1.754

–1.754

 

 

 

 

 

Netto latente belastingverplichting

10.163

10.590



De latenties met een resterende looptijd van 1 jaar en korter bedragen € 0,9 miljoen (2014: € 0,7 miljoen).

De mutatie van de voorziening voor latente belastingverplichtingen is als volgt:

 

 

2015

2014

Stand per 1 januari

10.590

12.255

Mutaties:

 

 

– Dotatie ten laste van het resultaat

1.178

467

– Nieuwe consolidaties

7

–552

– Correctie oude jaren

–313

138

– Mutatie in verband met aanpassing actuele waarde

–233

–278

– Naar acute belastingschuld

–1.130

–1.452

– Omrekenverschillen

64

12

 

 

 

Stand per 31 december

10.163

10.590



Het verloop van de overige voorzieningen kan als volgt worden weergegeven:

 

 

Voorziening voor
pensioenen

Voorziening garantie­verplichtingen

Voorziening jubilea

Stand per 1 januari 2015

407

1.923

814

Mutaties:

 

 

 

– Toevoegingen ten laste van het resultaat

169

1.459

170

– Nieuwe consolidaties

11

– Onttrekkingen

–166

–1.392

–71

– Vrijval ten gunste van het resultaat

–187

 

 

 

 

Stand per 31 december 2015

410

1.803

924



Voorziening pensioenen

Voor medewerkers van Motrac Intern Transport gelden overgangsregelingen waardoor zij eerder kunnen uittreden. Deze overgangsregelingen hebben betrekking op deelnemers geboren in 1950, 1951 of 1952 (SUM-regeling) en deelnemers die geboren zijn in de periode 1 januari 1953 tot 1 januari 1973 (SUMO-regeling). Zij kunnen, onder diverse voorwaarden, in aanmerking komen voor aanspraken over perioden in het verleden waarin minder pensioenaanspraken zijn opgebouwd dan toegestaan. Voor het niet gefinancierde deel is voor 24 medewerkers (2014: 26) van Motrac Intern Transport een voorziening opgenomen. De voorziening wordt gewaardeerd tegen de contante waarde van de toekomstige uitgaven waarbij een rekenrente is gehanteerd van 4% (2014: 4%), rekening houdend met blijf- en sterftekansen. Deze voorziening heeft een langlopend karakter.

Voorziening garantieverplichtingen

De voorziening voor garantieverplichtingen is bestemd voor verplichtingen die ontstaan doordat geleverde producten niet voldoen aan de overeengekomen kwaliteit op basis van overeengekomen contractuele bepalingen. De voorziening wordt gevormd op basis van de beste schatting van de bedragen die noodzakelijk zijn voor de afwikkeling, meestal gebaseerd op ervaringscijfers. Deze voorziening heeft een kortlopend karakter.

Voorziening jubilea

De voorziening is contant gemaakt, gebruikmakend van een rekenrente van 4% (2014: 4%) en een verwachte toekomstige salarisstijging van 2% (2014: 2%). Deze voorziening heeft een langlopend karakter.

 


10 ACHTERGESTELDE (CONVERTEERBARE) LENINGEN
 

Op 16 oktober 2013 is een achtergestelde converteerbare lening overeengekomen tussen Royal Reesink, Pon Holdings B.V en Pon Onroerend Goed Leusden B.V. ter grootte van maximaal € 17,8 miljoen om een deel van de koopprijs van RMHE te financieren. Hiervan is € 10,3 miljoen direct verstrekt. De achtergestelde converteerbare lening kent een rente van 5,25% per jaar een heeft een looptijd van vijf jaar. Royal Reesink heeft een optie om de lening met één jaar te verlengen. Pon Onroerend Goed Leusden B.V. heeft het recht om na drie jaar het gehele of gedeeltelijke uitstaande bedrag te converteren in (certificaten van) gewone aandelen tegen een oorspronkelijke conversieprijs van € 81,41. Bepaalde omstandigheden zoals mogelijke toekomstige uitgifte van (certificaten van) gewone aandelen of uitkering van buitengewoon dividend kunnen mogelijk leiden tot een aanpassing van de conversieprijs. Als gevolg van de (onderhandse) uitgifte van certificaten van gewone aandelen in september 2015 is de conversieprijs aangepast naar € 80,99.
Het restant van de lening (€ 7,5 miljoen) is op 7 april 2014 opgenomen als onderdeel van de financiering van de overeengekomen earn-out in verband met de RMHE acquisitie en vormt hiermee automatisch onderdeel van de achtergestelde converteerbare lening waarmee alle bepalingen en voorwaarden van toepassing zijn geworden inclusief die omtrent conversie.
De converteerbare achtergestelde lening zal worden terugbetaald indien het openbaar bod leidt tot een wijziging in de eigendomsstructuur van Royal Reesink. Voor nadere toelichting wordt verwezen naar de Gebeurtenissen na balansdatum.

Op 7 april 2014 is als onderdeel van de financiering van de overeengekomen earn-out in verband met de RMHE acquisitie een bedrag van € 4,8 miljoen verstrekt door PVL B.V. (een dochteronderneming van Pon Holdings B.V.). Deze achtergestelde lening met een initiële looptijd van vijf jaar en initiële rente van 5,25% is in september 2015 terugbetaald uit de opbrengsten van de (onderhandse) uitgifte van certificaten van gewone aandelen in 2015.

De hiervoor beschreven leningen zijn alleen achtergesteld ten opzichte van de bankfinancieringen.

 


11 LANGLOPENDE SCHULDEN
 

 

 

2015

2014

Waarde van de langlopende schulden

32.368

30.932

Kortlopende deel langlopende schulden (zie noot 12)

–3.459

–3.803

 

 

 

 

28.909

27.129



Het aflossingsschema van de langlopende schulden is als volgt:

 

 

 

< 1 jaar

2-5 jaar

> 5 jaar

Totaal

Achtergestelde lening

176

176

Bancaire financiering

3.423

13.727

14.992

32.142

Financial lease verplichting

36

14

50

 

 

 

 

 

 

3.459

13.741

15.168

32.368

 


Achtergestelde lening

Een achtergestelde lening ter grootte van € 0,2 miljoen is in 2011 verstrekt door de minderheidsaandeel­houder van Bruggeman Mechanisatie. De rente op deze lening is gebaseerd op de rente op de kortlopende kredietfaciliteit verhoogd met een opslag van 150 basispunten. De lening zal per kwartaal worden afgelost indien en voor zover de solvabiliteit van Bruggeman Mechanisatie minstens 30% bedraagt. Deze lening is achter­gesteld ten opzichte van de bancaire financiering bij Bruggeman Mechanisatie.

Bancaire financiering

Op 12 mei 2015 is een nieuwe financieringsovereenkomst geëffectueerd met de ABN AMRO Bank, Rabobank, Commerzbank en BNP Paribas voor de duur van vijf jaar. Deze nieuwe financieringsovereenkomst vervangt de 3-jarige faciliteit van ABN AMRO Bank, Rabobank en Commerzbank die op 16 oktober 2013 is aangepast in verband met de RMHE acquisitie en die zou eindigen in oktober 2015. De financieringsfaciliteit heeft een totale omvang van € 140 miljoen en bestaat uit een langlopende lening van € 35 miljoen (aflossing 2,5% per kwartaal) en een revolving financieringsfaciliteit voor algemene- en werkkapitaaldoelstellingen ter grootte van € 105 miljoen. De omvang van de financiering biedt Royal Reesink de ruimte om invulling te geven aan haar groeistrategie, zowel autonoom alsook door acquisitie. De financieringsovereenkomst biedt ook ruimte om aan het einde van de looptijd van de achtergestelde converteerbare lening deze terug te betalen.

De rente op de langlopende lening is gebaseerd op de 3-maands EURIBOR (0% indien de EURIBOR negatief is), vermeerderd met een marge tussen de 170 en 230 basispunten. De rente op revolving financieringsfaciliteit is gebaseerd op de 1-maand EURIBOR (0% indien de EURIBOR negatief is), vermeerderd met een marge tussen de 150 en 210 basispunten. De van toepassing zijnde marge is afhankelijk van de Total Net Senior Debt/EBITDA Ratio (leverage). De effectieve rente op de langlopende lening bedraagt ultimo 2015 2,06%.

De vennootschappen binnen de groep, die partij zijn bij de financieringsovereenkomst, hebben een eerste recht van hypotheek op het onroerend goed verleend, met uitzondering van het vastgoed. Daarnaast is een eerste pandrecht verstrekt op bankrekeningen, aandelen van bepaalde Nederlandse groepsmaatschappijen, roerende goederen en op vorderingen (met inbegrip van intragroepsvorderingen en vorderingen uit hoofde van verzekeringsuitkeringen).

Aan genoemde financieringsfaciliteit zijn enkele voorwaarden verbonden, waarvan de belangrijkste zijn:

Interest Coverage Ratio van minimaal 4,0 gedurende de looptijd van de financiering

Total Net Senior Debt/EBITDA Ratio van maximaal 3,0 gedurende de looptijd van de financiering met de mogelijkheid om hier onder voorwaarden (bijvoorbeeld in het geval van een acquisitie) gedurende de looptijd van de financiering 3 keer (niet consecutief) van af te wijken tot maximaal 3,25


Aan de hiervoor opgenomen voorwaarden wordt per 31 december 2015 voldaan:

Interest coverage Ratio: 9,5 (2014: niet van toepassing)

Total Net Senior Debt/EBITDA Ratio: 2,4 (2014: 2,6)


De bancaire financiering bestaat verder uit een hypothecaire financiering welke betrekking heeft op het onroerend goed van Kemp in Hamme (België). Deze lening bestaat uit twee delen, beide met een looptijd van 15 jaar, die zijn aangegaan in respectievelijk 2003 en 2007 ter financiering van de terreinen en gebouwen van Kemp in Hamme (België). De rente op deze leningen bedraagt respectievelijk 4,92% en 5,2% en de resterende looptijd bedraagt respectievelijk 2,6 en 7,3 jaar. Een bedrag van € 0,1 miljoen wordt jaarlijks op de leningen afgelost.

Financial lease verplichtingen

De financial lease verplichtingen hebben betrekking op de financiering van vervoermiddelen bij Packo in België. De rentevergoeding op deze financieringen bedraagt gemiddeld 2,0%. De gemiddelde resterende looptijd bedraagt 1 jaar.

 


12 KORTLOPENDE SCHULDEN
 

 

 

2015

2014

Schulden aan kredietinstellingen

47.435

41.711

Kortlopend deel langlopende schulden

3.459

3.803

Handelscrediteuren

36.772

37.142

Belastingen en premies sociale verzekeringen

17.936

15.305

Schulden ter zake van pensioenen

1.109

555

Overige schulden en overlopende passiva

27.756

23.913

 

 

 

 

134.467

122.429

 


Schulden aan kredietinstellingen

De schulden aan kredietinstellingen omvat voornamelijk de onder de financieringsovereenkomst (zie noot 11) opgenomen kasgeldlening en gebruik van de onder de financieringsovereenkomst gealloceerde krediet­faciliteit (ancillary) ter grootte van maximaal € 25,0 miljoen.

Om de activiteiten van Kuhn Center Turkey in Turkije te financieren is een bedrag van € 3,0 miljoen vanuit de financieringsfaciliteit gealloceerd door ditzelfde bedrag in onderpand te geven ten gunste van een garantie tussen Rabobank Nederland en Rabobank Turkije. De rente is gebaseerd op de 3 maands EURIBOR vermeerderd met een marge van 225 basispunten.

Bruggeman Mechanisatie wordt afzonderlijk gefinancierd. De omvang van deze kredietfaciliteit bedraagt € 1,25 miljoen waarbij met name zekerheden zijn afgegeven in de vorm van (het recht op) verpanding van voorraden, bedrijfsinventaris en vorderingen. De rente is gebaseerd op 1-maands EURIBOR vermeerderd met een rente-opslag van 170 basispunten.

Handelscrediteuren

Onder de handelscrediteuren is een schuld aan deelnemingen opgenomen ad € 0,1 miljoen (2014: € 0,1 miljoen). De handelscrediteuren hebben een resterende looptijd van korter dan 1 jaar.

Overige schulden en overlopende passiva

Onder de overige schulden en overlopende passiva is een schuld aan deelnemingen opgenomen ad € 0,1 miljoen (2014: € 0,1 miljoen). In de overige schulden en overlopende passiva zijn geen posten begrepen met een resterende looptijd langer dan 1 jaar.

 


13 NETTO-OMZET
 

De netto-omzet kan als volgt worden gespecificeerd naar segment:

 

 

2015

2014

Equipment

436.344

421.738

Industries

52.504

50.737

Overig

638

736

 

 

 

Netto-omzet

489.486

473.211



De netto-omzet naar activiteiten is als volgt:

 

 

2015

2014

Verkoop

344.265

339.488

Service/onderdelen

117.433

108.781

Verhuur

27.150

24.206

Overig

638

736

 

 

 

Netto-omzet

489.486

473.211



De netto-omzet naar geografisch gebied is als volgt:

 

 

2015

2014

Nederland

258.534

248.673

België

89.015

98.482

Duitsland

85.037

80.110

Overig EU

5.586

4.687

Kazachstan

48.430

40.070

Turkije

1.006

Overige

1.878

1.189

 

 

 

Netto-omzet

489.486

473.211

 


14 LONEN EN SALARISSEN
 

 

 

2015

2014

Brutolonen en salarissen

56.157

51.083

Sociale lasten

10.258

9.690

Pensioenlasten

3.519

3.513

Overige personeelskosten

5.416

4.754

 

 

 

 

75.350

69.040

 


Personeelsbestand

Gedurende het boekjaar 2015 bedroeg het gemiddeld aantal werknemers bij de Royal Reesink, omgerekend naar volledige mensjaren 1.199 (2014: 1.121). Hiervan waren 580 (2014: 532) personen werkzaam buiten Nederland.

Deze personeelsomvang (gemiddeld aantal personen omgerekend naar volledige mensjaren) is als volgt onder te verdelen naar verschillende personeelscategorieën:

 

 

2015

2014

Directie en management

24

22

Inkoop

34

35

Productie en assemblage

45

36

Verkoop

250

236

Service en garantie

590

562

Magazijn en logistiek

89

80

Back-office

167

150

 

 

 

 

1.199

1.121

 


Pensioenen

Royal Reesink heeft voor haar medewerkers in Nederland diverse aanvullende pensioenregelingen. De bijdrage van Royal Reesink in de pensioenregelingen is gemaximeerd tot haar deel van de premie. Deze regelingen zijn allen gebaseerd op middelloon en kennen een voorwaardelijke indexatie. Enkele bedrijven (zie hieronder) hebben de pensioenregeling, al of niet vrijwillig, bij een (bedrijfstak) pensioenfonds ondergebracht. Voor enkele andere bedrijven in Nederland is de pensioenregeling ondergebracht bij de pensioenverzekeraar De Eendragt Pensioen N.V. (vanaf 1 januari 2016 De Amersfoortse) en Brand New Day. De bij deze verzekeraars aangehouden depotbuffer is ontoereikend voor een volledige pensioeninkoop per 2015. Royal Reesink heeft geen bijstortingsplicht.
Ultimo 2015 (en 2014) waren er voor Royal Reesink geen pensioenvorderingen en geen verplichtingen naast de betaling van de aan de pensioenuitvoerder verschuldigde premies.

De dekkingsgraden (in %) bij de (bedrijfstak-)pensioenfondsen bedragen per 31 december 2015 respectievelijk 2014:

 

(in %)

2015

2014

Bedrijfstakpensioenfonds Metaal en Techniek (PMT)

– Kamps de Wild

– Landtech Zuid

– Bruggeman Mechanisatie

– Hans van Driel

97,3

102,8

Bedrijfstakpensioenfonds voor de Landbouw (BPL)

– Barend Kemp

100,3

105,3

Pensioenfonds Grafische Bedrijven (PGB)

– Motrac Intern Transport

– Motrac Hydrauliek

101,4

104,2

 


15 AFSCHRIJVINGEN EN AMORTISATIE OP VASTE ACTIVA
 

 

 

2015

2014

Servicecontracten

572

571

Software

1.005

610

Bedrijfsuitrusting

1.981

2.005

Verhuurmachines

7.058

6.576

Vervoermiddelen

713

711

 

 

 

 

11.329

10.473



De amortisatie van servicecontracten is volledig verantwoord in de kostprijs van de omzet. De amortisatie van de software is voor € 0,3 miljoen verantwoord in kostprijs van de omzet, € 0,1 miljoen als verkoopkosten en € 0,6 miljoen als algemene beheerskosten.

 


16 OVERIGE BEDRIJFSOPBRENGSTEN
 

 

 

2015

2014



Huuropbrengsten

De directe exploitatiekosten gerelateerd aan de vastgoedbeleggingen bedroegen € 0,1 miljoen (2014: € 0,1 miljoen).

 


17 (NIET-)GEREALISEERDE WAARDEVERANDERINGEN VAN BELEGGINGEN
 

De niet-gerealiseerde waardeveranderingen van beleggingen bedraagt € 0,8 miljoen negatief (2014: € 2,4 miljoen negatief). In 2015 is € 0,1 miljoen boekwinst gerealiseerd op de verkoop van onroerend goed (gronden De Kar).

 


18 BELASTINGEN RESULTAAT UIT GEWONE BEDRIJFSUITOEFENING
 

Alle in Nederland gevestigde groepsmaatschappijen behoudens Bruggeman Mechanisatie en Reesink Turkey vormen met Royal Reesink een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. In Duitsland bestaat een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting tussen alle in Duitsland gevestigde groepsmaatschappijen behoudens Pelzer Fördertechnik (voeging in 2016). De vennootschapsbelasting is in elk van de vennootschappen opgenomen voor dat deel dat de desbetreffende onderneming als zelfstandig belastingplichtige verschuldigd zou zijn, rekening houdend met voor de onderneming geldende fiscale faciliteiten. De overige vennootschappen zijn zelfstandig belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting.


Het nominaal toepasselijke belastingtarief in Nederland bedraagt 25,0% (2014: 25,0%). De belastinglast in de winst- en verliesrekening over 2015 bedraagt € 4,2 miljoen, ofwel 27,4% van het resultaat vóór belastingen (2014: 30,4%). De aansluiting tussen de nominale en effectieve belastingdruk is als volgt:

 

(in %)

2015

2014

Nominale belastingen

25,0

25,0

Effect belastingtarief buitenlandse jurisdicties

2,3

5,2

Belastingvrije winst/niet aftrekbare kosten

0,1

0,2

 

 

 

Effectieve belastingen

27,4

30,4

 


19 AANDEEL IN RESULTAAT VAN ONDERNEMINGEN WAARIN WORDT DEELGENOMEN
 

Dit betreft het aandeel van Royal Reesink in de resultaten van haar deelnemingen THR B.V., De Kruyf Holding B.V., Mechanisatie Beheer B.V. en Outlet-DHZ-Valkenswaard B.V.

 


20 NETTORESULTAAT PER GEWOON AANDEEL
 

 

 

2015

2014

Uitgegeven gewone aandelen per 1 januari

1.247.559

1.247.559

Mutaties in het boekjaar

 

 

– Stockdividend gewone aandelen

9.351

– Onderhandse uitgifte van gewone aandelen

125.627

Uitgegeven gewone aandelen per 31 december

1.382.537

1.247.559

 

 

 

Maximaal uit te geven potentiële gewone aandelen

220.089

218.953

Aantal gewone aandelen verwaterd

1.602.626

1.466.512

 

 

 

Aantal gemiddeld uitstaande gewone aandelen

1.294.076

1.247.559

Aantal gemiddeld uitstaande gewone aandelen verwaterd

1.514.164

1.443.150

 

 

 

Nettoresultaat (in € 000)

11.187

8.905

Cumulatief preferent dividend (in € 000)

–47

 

 

 

Nettoresultaat toekomend aan gewone aandeelhouders (in € 000)

11.187

8.858

 

 

 

Nettoresultaat per gewoon aandeel (in €)

8,64

7,10

 


21 FINANCIËLE INSTRUMENTEN
 

Algemeen

De onderneming maakt in de normale bedrijfsuitoefening gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten die de onderneming blootstellen aan markt- en/of kredietrisico’s. Het betreft louter financiële instrumenten die in de balans zijn opgenomen.

Liquiditeitsrisico

Liquiditeitsrisico is het risico dat Royal Reesink niet (tijdig) aan haar financiële verplichtingen kan voldoen. Voor het plegen van investeringen, dagelijks beheer van werkkapitaal en obligo’s (letter of credit) wordt beschikt over een financieringsfaciliteit van € 140 miljoen. De financieringsovereenkomst met ABN AMRO Bank, Rabobank, Commerzbank en BNP Paribas werd op 12 mei 2015 geëffectueerd en kent een duur van vijf jaar. Daarnaast zijn er enkele kleinere kredietfaciliteiten. De omvang van de financiering biedt Royal Reesink de ruimte om invulling te geven aan haar groeistrategie, zowel autonoom alsook door acquisities. Royal Reesink beperkt dit risico door uit te gaan van een garantievermogen van 40% zodat het mogelijk is, indien nodig, extra (tijdelijk) additioneel vermogen aan te trekken.

Marktrisico

Marktrisico is het risico dat inkomsten van Royal Reesink of de waarde van de door Royal Reesink gehouden financiële instrumenten nadelig worden beïnvloed door veranderingen in marktprijzen zoals rentetarieven en valutakoersen. De marktwaarde van de in de balans verantwoorde financiële instrumenten, waaronder vorderingen, effecten, liquide middelen, langlopende schulden en kortlopende schulden, benadert de boekwaarde ervan.

Kredietrisico

Kredietrisico is het risico van financieel verlies voor Royal Reesink indien een afnemer de aangegane contractuele verplichtingen niet nakomt. De blootstelling aan kredietrisico van Royal Reesink wordt hoofdzakelijk bepaald door de individuele kenmerken van de afzonderlijke afnemers. Het intensieve contact met onze klanten al of niet als onderdeel van de dealerorganisatie, is belangrijk voor het beperken van het kredietrisico. Kredietrisico wordt verder beperkt door eigen onderzoek naar de kredietwaardigheid van (nieuwe) klanten op basis van onder andere externe rapporten, jaarverslagen en betaalhistorie of door kredietrisico te verzekeren. De interne kredietlimieten, die op basis van eigen onderzoek worden vastgesteld, worden minstens een keer per jaar herzien. Klanten waarvoor geen kredietlimiet is afgegeven (intern of door de verzekeraar) kunnen alleen zaken doen met de Royal Reesink op basis van gegarandeerde betaling. Kamps de Wild en Reesink Staal hebben een kredietverzekering.

Goederen worden voornamelijk onder eigendomsvoorbehoud geleverd, waardoor Royal Reesink bij uitblijven van betaling in de meeste gevallen over een preferente vordering beschikt, voor zover de goederen nog aanwezig zijn.

In het equipment segment is in enkele gevallen sprake van concentratie van kredietrisico’s bij debiteuren die deels worden gemitigeerd door de kredietverzekering.

Renterisico en kasstroomrisico

De rentedragende schulden bestaan voornamelijk uit langlopende schulden en schulden aan kredietinstellingen. Deze schulden kennen een variabele rente bestaande uit (overwegend) 1- of 3-maands EURIBOR verhoogd met een vaste renteopslag. Het risico van een rentestijging is in samenspraak met de Raad van Commissarissen niet afgedekt.

Het overige renterisico is beperkt tot eventuele veranderingen in de marktwaarde van uitgegeven leningen. Bij deze leningen is (overwegend) sprake van een variabele rente verhoogd met een vaste renteopslag.
De leningen worden aangehouden tot het einde van de looptijd. De onderneming heeft derhalve als beleid om geen afgeleide financiële instrumenten te gebruiken om (tussentijdse) rentefluctuaties te beheersen.

Het renterisicoprofiel van de langlopende schulden met een variabele rente en schulden kredietinstellingen is als volgt:

 

 

2015

2014

Langlopende schulden inclusief kortlopend deel

32.552

30.352

Schulden kredietinstellingen

47.435

41.711

 

79.987

72.063

 

 

 

Effect op winst- en verliesrekening van variabele rente
langlopende schulden en schulden kredietinstellingen bij:

 

 

Stijging van de rente met 100 basispunten

–954

–923



Valutarisico

Valutarisico is het risico dat Royal Reesink loopt bij waardeveranderingen in financiële instrumenten of een transactierisico als gevolg van in- en verkopen in vreemde valuta. Gedurende het jaar worden goederen in buitenlandse valuta’s zoals Amerikaanse dollars, Canadese dollars, Turkse lira en Kazachstaanse Tenge ingekocht. Het is beleid om, bij het ontbreken van een natuurlijke hedge, het valutarisico op elk afzonderlijk bestelmoment af te dekken. De resterende valutarisico’s zijn hierdoor beperkt.

Daarnaast is sprake van translatierisico’s als gevolg van omrekeningsverschillen op netto-investeringen in geconsolideerde buitenlandse entiteiten. Deze omrekeningsverschillen worden rechtstreeks verantwoord in het eigen vermogen in de wettelijke reserve omrekeningsverschillen. Royal Reesink dekt dit translatierisico niet af.

 


22 NIET IN DE BALANS OPGENOMEN RECHTEN EN VERPLICHTINGEN
 

Fiscale eenheid

Alle in Nederland gevestigde groepsmaatschappijen behoudens Bruggeman Mechanisatie en Reesink Turkey vormen met Royal Reesink een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Daarnaast bestaat een fiscale eenheid voor de omzetbelasting met het merendeel van de Nederlandse groepsmaatschappijen. De in de fiscale eenheden betrokken vennootschappen zijn uit dien hoofde hoofdelijk aansprakelijk voor de belastingschuld van de fiscale eenheid als geheel.

Aansprakelijkheid en garanties

Voor een overzicht van de vennootschappen waarvoor Royal Reesink een verklaring ex artikel 2:403 BW heeft gedeponeerd ten kantore van het handelsregister wordt verwezen naar ‘groepsverhoudingen’. Uit dien hoofde is Royal Reesink hoofdelijk aansprakelijk voor de uit rechtshandelingen van de aldaar genoemde vennootschappen voorvloeiende schulden.

Royal Reesink heeft zich garant gesteld ten behoeve van Claas KGaA mbH voor de verplichtingen voort­vloeiende uit de leveranties aan CT Agro TOO.

Royal Reesink heeft ten gunste van de bank en in relatie tot tijdelijke verruiming van de kredietfaciliteit van THR B.V. een borgstelling verstrekt van maximaal € 1,9 miljoen.

Voorwaardelijke verplichtingen

Ten behoeve van financiers van afnemers zijn per 31 december 2015 terugkoopgaranties ter zake van geleverde handelsgoederen afgegeven tot een bedrag van € 0,1 miljoen (2014: € 0,1 miljoen). Ultimo 2015 zijn de investeringsverplichtingen nihil (2014: € 0,5 miljoen).

Claims

Royal Reesink en haar geconsolideerde deelnemingen zijn bij enkele rechtsgedingen betrokken. De afloop van deze rechtsgedingen zal naar verwachting niet leiden tot negatieve invloeden van materiële betekenis op de in deze jaarrekening gepresenteerde financiële positie van de vennootschap.

Meerjarige financiële verplichtingen

De verplichtingen uit hoofde van huur- en operationele lease-overeenkomsten bedragen € 82,6 miljoen (2014: € 76,2 miljoen) waarvan kortlopend € 23,6 miljoen (2014: € 22,9 miljoen) en langer dan vijf jaar € 6,4 miljoen (2014: € 7,7 miljoen).
In 2015 is € 22,9 miljoen aan operationele leasebetalingen in het resultaat verwerkt (2014: € 24,4 miljoen).

Meerjarige financiële rechten

Met THR B.V. is met betrekking tot het pand aan de Ecofactorij te Apeldoorn een 10-jarige huurovereenkomst aangegaan welke eindigt op 31 december 2024. De jaarlijkse huursom bedraagt € 1,5 miljoen (2014: € 1,5 miljoen) en wordt jaarlijks op 1 januari geïndexeerd.

De zekere kasstroom uit hoofde van verhuur equipment en afgesloten servicecontracten bedraagt gezamenlijk € 116,1 miljoen (2014: € 109,9 miljoen), waarvan € 37,1 miljoen betrekking heeft op komend boekjaar (2014: € 35,0 miljoen) en langer dan vijf jaar € 4,2 miljoen (2014: € 4,5 miljoen).

Bankgaranties

Met betrekking tot de vooruitbetalingen zijn door de leveranciers bankgaranties verstrekt ter hoogte van € 6,9 miljoen (2014: € 6,9 miljoen).

In 2015 is ten behoeve van een afnemer in verband met een ontvangen vooruitbetaling een bankgarantie verstrekt ter hoogte van € 1,1 miljoen. Daarnaast zijn uit hoofde van huurovereenkomsten bankgaranties verstrekt van in totaal € 0,1 miljoen.

 


23 TRANSACTIES MET VERBONDEN PARTIJEN
 

Identificatie van verbonden partijen

De aan Royal Reesink verbonden partijen betreffen haar directie, commissarissen, dochtervennootschappen en deelnemingen.

Bezoldiging van bestuurders en commissarissen

In onderstaande tabel is de bezoldiging van de bestuurder, de heer Van der Scheer, weergegeven:

 

(in euro’s)

Bruto
salaris

Pensioen

Pensioen-compensatie

Tantième

Totaal

2015

454.500

103.658

100.000

658.158



De bestuurder bezit 779 (certificaten van) gewone aandelen Royal Reesink.

De beloning van de commissarissen is niet afhankelijk van het resultaat van de vennootschap en bedroeg € 145.179 (2014: € 107.000). De heer Veerman ontving in het verslagjaar € 47.500, de heren Van Delft en Lievens € 32.500, mevrouw Bergkamp € 20.000 (vanaf 20 mei 2015) en de heer Vos € 12.679 (tot 20 mei 2015). Aan de commissarissen zijn geen optierechten verstrekt. Commissaris Van Delft bezit (indirect) 87.878 (certificaten van) gewone aandelen Royal Reesink. De overige commissarissen bezitten geen (certificaten van) aandelen in de vennootschap.

 


24 HONORARIA VAN DE ACCOUNTANT
 

De volgende honoraria van Ernst & Young Accountants LLP (2014: Deloitte Accountants B.V.) zijn ten laste gebracht van de onderneming, haar dochtermaatschappijen en andere maatschappijen die zij consolideert, een en ander zoals bedoeld in artikel 2:382a lid 1 en 2 BW.

 

 

2015

2014

Onderzoek van de jaarrekening

500

385

Andere controleopdrachten

75

Adviesdiensten op fiscaal terrein

Andere niet-controlediensten

 

 

 

 

575

385

 


25 TOELICHTING OP KASSTROMEN
 

In 2014 is de met Pon vastgestelde earn-out in relatie tot de in 2013 van hen geacquireerde activiteiten afgerekend. In verband hiermee is de converteerbare achtergestelde lening verhoogd en is een achtergestelde lening verstrekt van in totaal € 12,2 miljoen. In het kasstroomoverzicht is dit niet opgenomen. Uitsluitend de betaling door middel van kasmiddelen is weergegeven. De bij de acquisitie van Agrometius (Nederland en België) aanwezige geldmiddelen zijn op de aankoopprijs in mindering gebracht.

 


 
 

 
 
 
Add to basket
View basket
Contact
Download center